Hoe kan ik het vakantieverblijf dat ik samen met vrienden huur het best verzekeren?

Met vrienden gaan skiën of genieten in de zon, dat is gegarandeerd fun. Maar het kost ook wel wat en daarom huren veel jongeren liefst samen een vakantiehuisje of appartement. Een goed idee, maar zorg ervoor dat ook de verzekering in orde is.

​Als het huurcontract voor het appartement of het huis op naam staat van één persoon, is die ene persoon tegenover de eigenaar aansprakelijk voor de schade aan het huis en de inboedel. Hij moet de schade betalen aan de eigenaar. Nadien kan hij eventueel wel (een deel van) de som recupereren van de vriend die de schade (mee)veroorzaakt heeft.

Staat het huurcontract op naam van alle huurders, dan bent u tegenover de eigenaar samen burgerlijk aansprakelijk voor eventuele schade aan het gehuurde huis of appartement. Degene die de schade veroorzaakt heeft, zal ze uiteindelijk moeten vergoeden.

Eigen brandverzekering kan volstaan

Voor de schadevergoeding na een brand of waterschade bijvoorbeeld, kunt u gelukkig meestal rekenen op de brandverzekering van uw hoofdverblijfplaats (in België) of de polis van uw ouders als u bij hen gedomicilieerd bent. Kijk dus zeker na of die verzekering haar dekking uitbreidt tot schade aan gehuurde vakantiewoningen.

Ga uw huurdersaansprakelijkheid na voor schade aan een huis, chalet, appartement of stacaravan die u waar ook ter wereld huurt als vakantieverblijf en de inboedel.

En de familiale verzekering?

​Uw brandverzekering dekt echter niet alle schade aan uw gehuurde vakantieverblijf. En ook op uw familiale verzekering (of die van uw ouders) kunt u in principe geen beroep doen, want die dekt uw aansprakelijkheid niet als die voortvloeit uit een (huur)contract.

Vraag na of er eventueel extra dekkingen mogelijk zijn.

 

Bron: AG Insurance

 

Gezien worden in het verkeer!

Voetgangers, joggers, fietsers,… laat u zien!

De tips in dit artikel klinken u misschien bekend of vanzelfsprekend in de oren. Nochtans gaat er in de winter geen dag voorbij zonder dat ik me achter het stuur laat verrassen door een zwakke weggebruiker in donkere kleding.

De cijfers van het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) spreken voor zich: het aantal ernstige ongevallen waarbij een zwakke weggebruiker is betrokken, verdubbelt in deze periode.

Begeeft u zich te voet of met de fiets in het verkeer als het nog donker en bovendien slecht weer is? Volg dan de onderstaande aanbevelingen op.

Voetgangers:

  • Steek bij voorkeur de straat over op een verlichte plaats of aan een zebrapad.
  • Veel voetgangers zijn verstrooid of steken blindelings de straat over: kijk altijd eerst goed links en rechts… Voorrang hebben betekent niet dat u beschermd bent.
  • Blijf op uw hoede. Soms stoppen de voertuigen in de ene rijrichting, maar niet in de andere.
  • Draag reflecterende accessoires!
  • Geef de voorkeur aan goed zichtbare kleuren (kleding, schoenen, tas, paraplu,… in een lichte of fluokleur). Het zijn echter niet de seizoenskleuren en niemand denkt eraan tijdens het shoppen. Reflecterende/fluorescerende accessoires zijn dus een must.

Tip voor kinderen

Zorg ervoor dat ze vanuit alle hoeken goed zichtbaar zijn. Breng fluorescerende stroken of accessoires aan op de schouderbanden, de zijkanten en de rug van hun rugzak of boekentas.

Uw plichten als voetganger:

  • Als er een trottoir of voetpad is, bent u verplicht dit te gebruiken.
  • Als u zich op minder dan 30 m van een zebrapad bevindt, moet u het gebruiken.
  • Kijk voordat u oversteekt of er geen voertuig aankomt en of u het verkeer niet hindert.
  • Trams en treinen hebben voorrang.

Fietsers:

  • Ook al is het niet verplicht, toch is het ten zeerste aanbevolen om een helm en een reflecterend hesje te dragen.
  • Draag zoveel mogelijk andere reflecterende accessoires: armbanden, stickers, rugzak,…
  • Houd meer afstand voor meer veiligheid.
  • Rijd altijd op het fietspad en gebruik de oversteekplaatsen en paden voor fietsers. U heeft er evenwel geen voorrang. Rijd voorzichtig en houd rekening met de andere voertuigen.

Herinnering

Uw fiets moet uitgerust zijn met:

  • Remmen op het voor- en achterwiel.
  • Een fietsbel.
  • Een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan.
  • Gele of oranje reflectoren op de spaken of witte reflecterende stroken aan weerszijden van de banden.
  • Gele of oranje reflectoren op de trappers.
  • U moet twee lichten gebruiken: een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan (te bevestigen op uw fiets of op uzelf: op uw helm, rugzak,…).
  • Om te zien waar u rijdt en om eventuele hindernissen op te merken, is het ook aan te raden een breed stralende halogeenlamp te gebruiken, vooral als u langs slecht verlichte plaatsen moet.

Tip

Controleer voordat u zich op weg begeeft of uw lichten goed werken en proper zijn.

Opmerking

Kinderfietsen, racefietsen en mountainbikes moeten niet uitgerust zijn met lichten of reflectoren, als u er niet mee in het donker rijdt.

Joggers:

  • Dezelfde aanbevelingen gelden voor joggers: zichtbare kleuren, reflecterende of knipperende elementen of hesje, alsook loopschoenen met reflecterende elementen achteraan.
  • Er bestaan lichte, reflecterende harnassen die u alle bewegingsvrijheid laten.
  • Met een lamp op uw voorhoofd of pet wordt u gezien en ziet u zelf enkele meters ver.
  • Om nog beter te zien: draag een tweede lamp rond uw middel of romp. In sportwinkels vindt u heel wat aangepaste uitrusting.
  • Als u op straat loopt, doe dat dan tegen het verkeer in, zodat u auto’s ziet afkomen.

Tips voor autobestuurders:

  • Rijd trager! Een voetganger in donkere kleding is pas zichtbaar op 20 m, terwijl u 26 m nodig heeft om te remmen als u 50 km/u rijdt op een droog wegdek!
  • Let op voor zogenaamde ‘zwarte gaten’, de overgangen tussen een verlichte zone en een donkere zone waar plots een voetganger kan opduiken.
  • Zorg ervoor dat u een goed zicht heeft: droge, niet-aangedampte en niet-aangevroren ruiten. Als u met lichten rijdt in de regen, kunnen weerkaatsingen zwakke weggebruikers onzichtbaar maken: pas uw snelheid aan, wees extra waakzaam.
  • Herinnering: het is verboden om een bestuurder die een zebrapad nadert of ervoor stopt, links in te halen.

Bron: AG Insurance

 

Gezien worden in het verkeer!

Voetgangers, joggers, fietsers,… laat u zien!

De tips in dit artikel klinken u misschien bekend of vanzelfsprekend in de oren. Nochtans gaat er in de winter geen dag voorbij zonder dat ik me achter het stuur laat verrassen door een zwakke weggebruiker in donkere kleding.

De cijfers van het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) spreken voor zich: het aantal ernstige ongevallen waarbij een zwakke weggebruiker is betrokken, verdubbelt in deze periode.

Begeeft u zich te voet of met de fiets in het verkeer als het nog donker en bovendien slecht weer is? Volg dan de onderstaande aanbevelingen op.

Voetgangers:

  • Steek bij voorkeur de straat over op een verlichte plaats of aan een zebrapad.
  • Veel voetgangers zijn verstrooid of steken blindelings de straat over: kijk altijd eerst goed links en rechts… Voorrang hebben betekent niet dat u beschermd bent.
  • Blijf op uw hoede. Soms stoppen de voertuigen in de ene rijrichting, maar niet in de andere.
  • Draag reflecterende accessoires!
  • Geef de voorkeur aan goed zichtbare kleuren (kleding, schoenen, tas, paraplu,… in een lichte of fluokleur). Het zijn echter niet de seizoenskleuren en niemand denkt eraan tijdens het shoppen. Reflecterende/fluorescerende accessoires zijn dus een must.

Tip voor kinderen

Zorg ervoor dat ze vanuit alle hoeken goed zichtbaar zijn. Breng fluorescerende stroken of accessoires aan op de schouderbanden, de zijkanten en de rug van hun rugzak of boekentas.

Uw plichten als voetganger:

  • Als er een trottoir of voetpad is, bent u verplicht dit te gebruiken.
  • Als u zich op minder dan 30 m van een zebrapad bevindt, moet u het gebruiken.
  • Kijk voordat u oversteekt of er geen voertuig aankomt en of u het verkeer niet hindert.
  • Trams en treinen hebben voorrang.

Fietsers:

  • Ook al is het niet verplicht, toch is het ten zeerste aanbevolen om een helm en een reflecterend hesje te dragen.
  • Draag zoveel mogelijk andere reflecterende accessoires: armbanden, stickers, rugzak,…
  • Houd meer afstand voor meer veiligheid.
  • Rijd altijd op het fietspad en gebruik de oversteekplaatsen en paden voor fietsers. U heeft er evenwel geen voorrang. Rijd voorzichtig en houd rekening met de andere voertuigen.

Herinnering

Uw fiets moet uitgerust zijn met:

  • Remmen op het voor- en achterwiel.
  • Een fietsbel.
  • Een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan.
  • Gele of oranje reflectoren op de spaken of witte reflecterende stroken aan weerszijden van de banden.
  • Gele of oranje reflectoren op de trappers.
  • U moet twee lichten gebruiken: een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan (te bevestigen op uw fiets of op uzelf: op uw helm, rugzak,…).
  • Om te zien waar u rijdt en om eventuele hindernissen op te merken, is het ook aan te raden een breed stralende halogeenlamp te gebruiken, vooral als u langs slecht verlichte plaatsen moet.

Tip

Controleer voordat u zich op weg begeeft of uw lichten goed werken en proper zijn.

Opmerking

Kinderfietsen, racefietsen en mountainbikes moeten niet uitgerust zijn met lichten of reflectoren, als u er niet mee in het donker rijdt.

Joggers:

  • Dezelfde aanbevelingen gelden voor joggers: zichtbare kleuren, reflecterende of knipperende elementen of hesje, alsook loopschoenen met reflecterende elementen achteraan.
  • Er bestaan lichte, reflecterende harnassen die u alle bewegingsvrijheid laten.
  • Met een lamp op uw voorhoofd of pet wordt u gezien en ziet u zelf enkele meters ver.
  • Om nog beter te zien: draag een tweede lamp rond uw middel of romp. In sportwinkels vindt u heel wat aangepaste uitrusting.
  • Als u op straat loopt, doe dat dan tegen het verkeer in, zodat u auto’s ziet afkomen.

Tips voor autobestuurders:

  • Rijd trager! Een voetganger in donkere kleding is pas zichtbaar op 20 m, terwijl u 26 m nodig heeft om te remmen als u 50 km/u rijdt op een droog wegdek!
  • Let op voor zogenaamde ‘zwarte gaten’, de overgangen tussen een verlichte zone en een donkere zone waar plots een voetganger kan opduiken.
  • Zorg ervoor dat u een goed zicht heeft: droge, niet-aangedampte en niet-aangevroren ruiten. Als u met lichten rijdt in de regen, kunnen weerkaatsingen zwakke weggebruikers onzichtbaar maken: pas uw snelheid aan, wees extra waakzaam.
  • Herinnering: het is verboden om een bestuurder die een zebrapad nadert of ervoor stopt, links in te halen.

Bron: AG Insurance

 

Gezien worden in het verkeer!

Voetgangers, joggers, fietsers,… laat u zien!

De tips in dit artikel klinken u misschien bekend of vanzelfsprekend in de oren. Nochtans gaat er in de winter geen dag voorbij zonder dat ik me achter het stuur laat verrassen door een zwakke weggebruiker in donkere kleding.

De cijfers van het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) spreken voor zich: het aantal ernstige ongevallen waarbij een zwakke weggebruiker is betrokken, verdubbelt in deze periode.

Begeeft u zich te voet of met de fiets in het verkeer als het nog donker en bovendien slecht weer is? Volg dan de onderstaande aanbevelingen op.

Voetgangers:

  • Steek bij voorkeur de straat over op een verlichte plaats of aan een zebrapad.
  • Veel voetgangers zijn verstrooid of steken blindelings de straat over: kijk altijd eerst goed links en rechts… Voorrang hebben betekent niet dat u beschermd bent.
  • Blijf op uw hoede. Soms stoppen de voertuigen in de ene rijrichting, maar niet in de andere.
  • Draag reflecterende accessoires!
  • Geef de voorkeur aan goed zichtbare kleuren (kleding, schoenen, tas, paraplu,… in een lichte of fluokleur). Het zijn echter niet de seizoenskleuren en niemand denkt eraan tijdens het shoppen. Reflecterende/fluorescerende accessoires zijn dus een must.

Tip voor kinderen

Zorg ervoor dat ze vanuit alle hoeken goed zichtbaar zijn. Breng fluorescerende stroken of accessoires aan op de schouderbanden, de zijkanten en de rug van hun rugzak of boekentas.

Uw plichten als voetganger:

  • Als er een trottoir of voetpad is, bent u verplicht dit te gebruiken.
  • Als u zich op minder dan 30 m van een zebrapad bevindt, moet u het gebruiken.
  • Kijk voordat u oversteekt of er geen voertuig aankomt en of u het verkeer niet hindert.
  • Trams en treinen hebben voorrang.

Fietsers:

  • Ook al is het niet verplicht, toch is het ten zeerste aanbevolen om een helm en een reflecterend hesje te dragen.
  • Draag zoveel mogelijk andere reflecterende accessoires: armbanden, stickers, rugzak,…
  • Houd meer afstand voor meer veiligheid.
  • Rijd altijd op het fietspad en gebruik de oversteekplaatsen en paden voor fietsers. U heeft er evenwel geen voorrang. Rijd voorzichtig en houd rekening met de andere voertuigen.

Herinnering

Uw fiets moet uitgerust zijn met:

  • Remmen op het voor- en achterwiel.
  • Een fietsbel.
  • Een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan.
  • Gele of oranje reflectoren op de spaken of witte reflecterende stroken aan weerszijden van de banden.
  • Gele of oranje reflectoren op de trappers.
  • U moet twee lichten gebruiken: een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan (te bevestigen op uw fiets of op uzelf: op uw helm, rugzak,…).
  • Om te zien waar u rijdt en om eventuele hindernissen op te merken, is het ook aan te raden een breed stralende halogeenlamp te gebruiken, vooral als u langs slecht verlichte plaatsen moet.

Tip

Controleer voordat u zich op weg begeeft of uw lichten goed werken en proper zijn.

Opmerking

Kinderfietsen, racefietsen en mountainbikes moeten niet uitgerust zijn met lichten of reflectoren, als u er niet mee in het donker rijdt.

Joggers:

  • Dezelfde aanbevelingen gelden voor joggers: zichtbare kleuren, reflecterende of knipperende elementen of hesje, alsook loopschoenen met reflecterende elementen achteraan.
  • Er bestaan lichte, reflecterende harnassen die u alle bewegingsvrijheid laten.
  • Met een lamp op uw voorhoofd of pet wordt u gezien en ziet u zelf enkele meters ver.
  • Om nog beter te zien: draag een tweede lamp rond uw middel of romp. In sportwinkels vindt u heel wat aangepaste uitrusting.
  • Als u op straat loopt, doe dat dan tegen het verkeer in, zodat u auto’s ziet afkomen.

Tips voor autobestuurders:

  • Rijd trager! Een voetganger in donkere kleding is pas zichtbaar op 20 m, terwijl u 26 m nodig heeft om te remmen als u 50 km/u rijdt op een droog wegdek!
  • Let op voor zogenaamde ‘zwarte gaten’, de overgangen tussen een verlichte zone en een donkere zone waar plots een voetganger kan opduiken.
  • Zorg ervoor dat u een goed zicht heeft: droge, niet-aangedampte en niet-aangevroren ruiten. Als u met lichten rijdt in de regen, kunnen weerkaatsingen zwakke weggebruikers onzichtbaar maken: pas uw snelheid aan, wees extra waakzaam.
  • Herinnering: het is verboden om een bestuurder die een zebrapad nadert of ervoor stopt, links in te halen.

Bron: AG Insurance

 

Gezien worden in het verkeer!

Voetgangers, joggers, fietsers,… laat u zien!

De tips in dit artikel klinken u misschien bekend of vanzelfsprekend in de oren. Nochtans gaat er in de winter geen dag voorbij zonder dat ik me achter het stuur laat verrassen door een zwakke weggebruiker in donkere kleding.

De cijfers van het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) spreken voor zich: het aantal ernstige ongevallen waarbij een zwakke weggebruiker is betrokken, verdubbelt in deze periode.

Begeeft u zich te voet of met de fiets in het verkeer als het nog donker en bovendien slecht weer is? Volg dan de onderstaande aanbevelingen op.

Voetgangers:

  • Steek bij voorkeur de straat over op een verlichte plaats of aan een zebrapad.
  • Veel voetgangers zijn verstrooid of steken blindelings de straat over: kijk altijd eerst goed links en rechts… Voorrang hebben betekent niet dat u beschermd bent.
  • Blijf op uw hoede. Soms stoppen de voertuigen in de ene rijrichting, maar niet in de andere.
  • Draag reflecterende accessoires!
  • Geef de voorkeur aan goed zichtbare kleuren (kleding, schoenen, tas, paraplu,… in een lichte of fluokleur). Het zijn echter niet de seizoenskleuren en niemand denkt eraan tijdens het shoppen. Reflecterende/fluorescerende accessoires zijn dus een must.

Tip voor kinderen

Zorg ervoor dat ze vanuit alle hoeken goed zichtbaar zijn. Breng fluorescerende stroken of accessoires aan op de schouderbanden, de zijkanten en de rug van hun rugzak of boekentas.

Uw plichten als voetganger:

  • Als er een trottoir of voetpad is, bent u verplicht dit te gebruiken.
  • Als u zich op minder dan 30 m van een zebrapad bevindt, moet u het gebruiken.
  • Kijk voordat u oversteekt of er geen voertuig aankomt en of u het verkeer niet hindert.
  • Trams en treinen hebben voorrang.

Fietsers:

  • Ook al is het niet verplicht, toch is het ten zeerste aanbevolen om een helm en een reflecterend hesje te dragen.
  • Draag zoveel mogelijk andere reflecterende accessoires: armbanden, stickers, rugzak,…
  • Houd meer afstand voor meer veiligheid.
  • Rijd altijd op het fietspad en gebruik de oversteekplaatsen en paden voor fietsers. U heeft er evenwel geen voorrang. Rijd voorzichtig en houd rekening met de andere voertuigen.

Herinnering

Uw fiets moet uitgerust zijn met:

  • Remmen op het voor- en achterwiel.
  • Een fietsbel.
  • Een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan.
  • Gele of oranje reflectoren op de spaken of witte reflecterende stroken aan weerszijden van de banden.
  • Gele of oranje reflectoren op de trappers.
  • U moet twee lichten gebruiken: een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan (te bevestigen op uw fiets of op uzelf: op uw helm, rugzak,…).
  • Om te zien waar u rijdt en om eventuele hindernissen op te merken, is het ook aan te raden een breed stralende halogeenlamp te gebruiken, vooral als u langs slecht verlichte plaatsen moet.

Tip

Controleer voordat u zich op weg begeeft of uw lichten goed werken en proper zijn.

Opmerking

Kinderfietsen, racefietsen en mountainbikes moeten niet uitgerust zijn met lichten of reflectoren, als u er niet mee in het donker rijdt.

Joggers:

  • Dezelfde aanbevelingen gelden voor joggers: zichtbare kleuren, reflecterende of knipperende elementen of hesje, alsook loopschoenen met reflecterende elementen achteraan.
  • Er bestaan lichte, reflecterende harnassen die u alle bewegingsvrijheid laten.
  • Met een lamp op uw voorhoofd of pet wordt u gezien en ziet u zelf enkele meters ver.
  • Om nog beter te zien: draag een tweede lamp rond uw middel of romp. In sportwinkels vindt u heel wat aangepaste uitrusting.
  • Als u op straat loopt, doe dat dan tegen het verkeer in, zodat u auto’s ziet afkomen.

Tips voor autobestuurders:

  • Rijd trager! Een voetganger in donkere kleding is pas zichtbaar op 20 m, terwijl u 26 m nodig heeft om te remmen als u 50 km/u rijdt op een droog wegdek!
  • Let op voor zogenaamde ‘zwarte gaten’, de overgangen tussen een verlichte zone en een donkere zone waar plots een voetganger kan opduiken.
  • Zorg ervoor dat u een goed zicht heeft: droge, niet-aangedampte en niet-aangevroren ruiten. Als u met lichten rijdt in de regen, kunnen weerkaatsingen zwakke weggebruikers onzichtbaar maken: pas uw snelheid aan, wees extra waakzaam.
  • Herinnering: het is verboden om een bestuurder die een zebrapad nadert of ervoor stopt, links in te halen.

Bron: AG Insurance

 

Gezien worden in het verkeer!

Voetgangers, joggers, fietsers,… laat u zien!

De tips in dit artikel klinken u misschien bekend of vanzelfsprekend in de oren. Nochtans gaat er in de winter geen dag voorbij zonder dat ik me achter het stuur laat verrassen door een zwakke weggebruiker in donkere kleding.

De cijfers van het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) spreken voor zich: het aantal ernstige ongevallen waarbij een zwakke weggebruiker is betrokken, verdubbelt in deze periode.

Begeeft u zich te voet of met de fiets in het verkeer als het nog donker en bovendien slecht weer is? Volg dan de onderstaande aanbevelingen op.

Voetgangers:

  • Steek bij voorkeur de straat over op een verlichte plaats of aan een zebrapad.
  • Veel voetgangers zijn verstrooid of steken blindelings de straat over: kijk altijd eerst goed links en rechts… Voorrang hebben betekent niet dat u beschermd bent.
  • Blijf op uw hoede. Soms stoppen de voertuigen in de ene rijrichting, maar niet in de andere.
  • Draag reflecterende accessoires!
  • Geef de voorkeur aan goed zichtbare kleuren (kleding, schoenen, tas, paraplu,… in een lichte of fluokleur). Het zijn echter niet de seizoenskleuren en niemand denkt eraan tijdens het shoppen. Reflecterende/fluorescerende accessoires zijn dus een must.

Tip voor kinderen

Zorg ervoor dat ze vanuit alle hoeken goed zichtbaar zijn. Breng fluorescerende stroken of accessoires aan op de schouderbanden, de zijkanten en de rug van hun rugzak of boekentas.

Uw plichten als voetganger:

  • Als er een trottoir of voetpad is, bent u verplicht dit te gebruiken.
  • Als u zich op minder dan 30 m van een zebrapad bevindt, moet u het gebruiken.
  • Kijk voordat u oversteekt of er geen voertuig aankomt en of u het verkeer niet hindert.
  • Trams en treinen hebben voorrang.

Fietsers:

  • Ook al is het niet verplicht, toch is het ten zeerste aanbevolen om een helm en een reflecterend hesje te dragen.
  • Draag zoveel mogelijk andere reflecterende accessoires: armbanden, stickers, rugzak,…
  • Houd meer afstand voor meer veiligheid.
  • Rijd altijd op het fietspad en gebruik de oversteekplaatsen en paden voor fietsers. U heeft er evenwel geen voorrang. Rijd voorzichtig en houd rekening met de andere voertuigen.

Herinnering

Uw fiets moet uitgerust zijn met:

  • Remmen op het voor- en achterwiel.
  • Een fietsbel.
  • Een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan.
  • Gele of oranje reflectoren op de spaken of witte reflecterende stroken aan weerszijden van de banden.
  • Gele of oranje reflectoren op de trappers.
  • U moet twee lichten gebruiken: een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan (te bevestigen op uw fiets of op uzelf: op uw helm, rugzak,…).
  • Om te zien waar u rijdt en om eventuele hindernissen op te merken, is het ook aan te raden een breed stralende halogeenlamp te gebruiken, vooral als u langs slecht verlichte plaatsen moet.

Tip

Controleer voordat u zich op weg begeeft of uw lichten goed werken en proper zijn.

Opmerking

Kinderfietsen, racefietsen en mountainbikes moeten niet uitgerust zijn met lichten of reflectoren, als u er niet mee in het donker rijdt.

Joggers:

  • Dezelfde aanbevelingen gelden voor joggers: zichtbare kleuren, reflecterende of knipperende elementen of hesje, alsook loopschoenen met reflecterende elementen achteraan.
  • Er bestaan lichte, reflecterende harnassen die u alle bewegingsvrijheid laten.
  • Met een lamp op uw voorhoofd of pet wordt u gezien en ziet u zelf enkele meters ver.
  • Om nog beter te zien: draag een tweede lamp rond uw middel of romp. In sportwinkels vindt u heel wat aangepaste uitrusting.
  • Als u op straat loopt, doe dat dan tegen het verkeer in, zodat u auto’s ziet afkomen.

Tips voor autobestuurders:

  • Rijd trager! Een voetganger in donkere kleding is pas zichtbaar op 20 m, terwijl u 26 m nodig heeft om te remmen als u 50 km/u rijdt op een droog wegdek!
  • Let op voor zogenaamde ‘zwarte gaten’, de overgangen tussen een verlichte zone en een donkere zone waar plots een voetganger kan opduiken.
  • Zorg ervoor dat u een goed zicht heeft: droge, niet-aangedampte en niet-aangevroren ruiten. Als u met lichten rijdt in de regen, kunnen weerkaatsingen zwakke weggebruikers onzichtbaar maken: pas uw snelheid aan, wees extra waakzaam.
  • Herinnering: het is verboden om een bestuurder die een zebrapad nadert of ervoor stopt, links in te halen.

Bron: AG Insurance

 

Tips om je huis klaar te maken voor de winter.

De winter nadert. Het moment is aangebroken om uw huis klaar te maken voor het koude seizoen zodat u kleine en grote zorgen kunt vermijden die gewoonlijk in de winter opduiken.

Enkele tips om uw woning voor te bereiden op de winter:

  1. Bomen en bladeren: Maak dakgoten en afvoerpijpen vrij die verstopt kunnen raken door afgevallen blaadjes. Er bestaan in de handel roosters of filters die voorkomen dat de blaadjes in de afvoerleidingen terechtkomen.Inspecteer bomen die over uw huis hangen of in de buurt staan: de herfst- of winterstormen zouden takken kunnen afbreken waardoor uw dak of huis beschadigd kan raken. Takken van coniferen kunnen veel sneeuw opvangen en hierdoor zwaar doorbuigen en breken.
  2. Waterleidingen: Maak de waterleidingen buiten leeg en sluit ze af vóór de eerste vorst, isoleer de leidingen die zich binnen en buiten bevinden.
  3. Mazouttank: Controleer hoeveel stookolie u nog hebt zodat u tijdig een bestelling kunt plaatsen.
  4. Verwarming: Laat uw verwarmingsinstallatie controleren en onderhouden door een erkende vakman.Het onderhoud van een installatie op stookolie is jaarlijks verplicht. Voor installaties op gas is de reglementering per gewest ingedeeld: het onderhoud moet om de 2 jaar gebeuren in Vlaanderen en om de 3 jaar indien u in Brussel of in Wallonië woont.
  5. Radiatoren: Vergeet niet uw radiatoren te (laten) ontluchten.
  6. Schoorsteen: Laat uw schoorsteen vegen. Het onderhoud van de schoorsteen maakt deel uit van het nazicht van de verwarmingsinstallatie. Ook als u een open haard hebt, is het onderhoud van uw schoosteen nodig. Zo vermijdt u een schoorsteenbrand of een CO-vergiftiging.
  7. CO-vergiftiging: Controleer de toestand van uw rookdetectoren of CO-detectoren (koolstofmonoxide) en kijk na of de batterijen niet vervangen moeten worden.
  8. Verse lucht: Ventileer uw woning regelmatig, ook bij koud weer. Een woning waarin de lucht regelmatig ververst wordt, is beter voor de gezondheid. Het is ook gemakkelijker om een huis te verwarmen waarin de lucht zuiver en minder vochtig is. Tip: open elke dag een venster gedurende enkele minuten om verse lucht binnen te laten.
  9. Toegang tot de woning: Zorg dat u over een kleine voorraad zout beschikt om de toegang tot uw huis (en het voetpad) vrij te maken indien u verrast wordt door de eerste sneeuwval.

Bron: Europ Assistance

 

Tips om je huis klaar te maken voor de winter.

De winter nadert. Het moment is aangebroken om uw huis klaar te maken voor het koude seizoen zodat u kleine en grote zorgen kunt vermijden die gewoonlijk in de winter opduiken.

Enkele tips om uw woning voor te bereiden op de winter:

  1. Bomen en bladeren: Maak dakgoten en afvoerpijpen vrij die verstopt kunnen raken door afgevallen blaadjes. Er bestaan in de handel roosters of filters die voorkomen dat de blaadjes in de afvoerleidingen terechtkomen.Inspecteer bomen die over uw huis hangen of in de buurt staan: de herfst- of winterstormen zouden takken kunnen afbreken waardoor uw dak of huis beschadigd kan raken. Takken van coniferen kunnen veel sneeuw opvangen en hierdoor zwaar doorbuigen en breken.
  2. Waterleidingen: Maak de waterleidingen buiten leeg en sluit ze af vóór de eerste vorst, isoleer de leidingen die zich binnen en buiten bevinden.
  3. Mazouttank: Controleer hoeveel stookolie u nog hebt zodat u tijdig een bestelling kunt plaatsen.
  4. Verwarming: Laat uw verwarmingsinstallatie controleren en onderhouden door een erkende vakman.Het onderhoud van een installatie op stookolie is jaarlijks verplicht. Voor installaties op gas is de reglementering per gewest ingedeeld: het onderhoud moet om de 2 jaar gebeuren in Vlaanderen en om de 3 jaar indien u in Brussel of in Wallonië woont.
  5. Radiatoren: Vergeet niet uw radiatoren te (laten) ontluchten.
  6. Schoorsteen: Laat uw schoorsteen vegen. Het onderhoud van de schoorsteen maakt deel uit van het nazicht van de verwarmingsinstallatie. Ook als u een open haard hebt, is het onderhoud van uw schoosteen nodig. Zo vermijdt u een schoorsteenbrand of een CO-vergiftiging.
  7. CO-vergiftiging: Controleer de toestand van uw rookdetectoren of CO-detectoren (koolstofmonoxide) en kijk na of de batterijen niet vervangen moeten worden.
  8. Verse lucht: Ventileer uw woning regelmatig, ook bij koud weer. Een woning waarin de lucht regelmatig ververst wordt, is beter voor de gezondheid. Het is ook gemakkelijker om een huis te verwarmen waarin de lucht zuiver en minder vochtig is. Tip: open elke dag een venster gedurende enkele minuten om verse lucht binnen te laten.
  9. Toegang tot de woning: Zorg dat u over een kleine voorraad zout beschikt om de toegang tot uw huis (en het voetpad) vrij te maken indien u verrast wordt door de eerste sneeuwval.

Bron: Europ Assistance

 

Tips om je huis klaar te maken voor de winter.

De winter nadert. Het moment is aangebroken om uw huis klaar te maken voor het koude seizoen zodat u kleine en grote zorgen kunt vermijden die gewoonlijk in de winter opduiken.

Enkele tips om uw woning voor te bereiden op de winter:

  1. Bomen en bladeren: Maak dakgoten en afvoerpijpen vrij die verstopt kunnen raken door afgevallen blaadjes. Er bestaan in de handel roosters of filters die voorkomen dat de blaadjes in de afvoerleidingen terechtkomen.Inspecteer bomen die over uw huis hangen of in de buurt staan: de herfst- of winterstormen zouden takken kunnen afbreken waardoor uw dak of huis beschadigd kan raken. Takken van coniferen kunnen veel sneeuw opvangen en hierdoor zwaar doorbuigen en breken.
  2. Waterleidingen: Maak de waterleidingen buiten leeg en sluit ze af vóór de eerste vorst, isoleer de leidingen die zich binnen en buiten bevinden.
  3. Mazouttank: Controleer hoeveel stookolie u nog hebt zodat u tijdig een bestelling kunt plaatsen.
  4. Verwarming: Laat uw verwarmingsinstallatie controleren en onderhouden door een erkende vakman.Het onderhoud van een installatie op stookolie is jaarlijks verplicht. Voor installaties op gas is de reglementering per gewest ingedeeld: het onderhoud moet om de 2 jaar gebeuren in Vlaanderen en om de 3 jaar indien u in Brussel of in Wallonië woont.
  5. Radiatoren: Vergeet niet uw radiatoren te (laten) ontluchten.
  6. Schoorsteen: Laat uw schoorsteen vegen. Het onderhoud van de schoorsteen maakt deel uit van het nazicht van de verwarmingsinstallatie. Ook als u een open haard hebt, is het onderhoud van uw schoosteen nodig. Zo vermijdt u een schoorsteenbrand of een CO-vergiftiging.
  7. CO-vergiftiging: Controleer de toestand van uw rookdetectoren of CO-detectoren (koolstofmonoxide) en kijk na of de batterijen niet vervangen moeten worden.
  8. Verse lucht: Ventileer uw woning regelmatig, ook bij koud weer. Een woning waarin de lucht regelmatig ververst wordt, is beter voor de gezondheid. Het is ook gemakkelijker om een huis te verwarmen waarin de lucht zuiver en minder vochtig is. Tip: open elke dag een venster gedurende enkele minuten om verse lucht binnen te laten.
  9. Toegang tot de woning: Zorg dat u over een kleine voorraad zout beschikt om de toegang tot uw huis (en het voetpad) vrij te maken indien u verrast wordt door de eerste sneeuwval.

Bron: Europ Assistance

 

Tips om je huis klaar te maken voor de winter.

De winter nadert. Het moment is aangebroken om uw huis klaar te maken voor het koude seizoen zodat u kleine en grote zorgen kunt vermijden die gewoonlijk in de winter opduiken.

Enkele tips om uw woning voor te bereiden op de winter:

  1. Bomen en bladeren: Maak dakgoten en afvoerpijpen vrij die verstopt kunnen raken door afgevallen blaadjes. Er bestaan in de handel roosters of filters die voorkomen dat de blaadjes in de afvoerleidingen terechtkomen.Inspecteer bomen die over uw huis hangen of in de buurt staan: de herfst- of winterstormen zouden takken kunnen afbreken waardoor uw dak of huis beschadigd kan raken. Takken van coniferen kunnen veel sneeuw opvangen en hierdoor zwaar doorbuigen en breken.
  2. Waterleidingen: Maak de waterleidingen buiten leeg en sluit ze af vóór de eerste vorst, isoleer de leidingen die zich binnen en buiten bevinden.
  3. Mazouttank: Controleer hoeveel stookolie u nog hebt zodat u tijdig een bestelling kunt plaatsen.
  4. Verwarming: Laat uw verwarmingsinstallatie controleren en onderhouden door een erkende vakman.Het onderhoud van een installatie op stookolie is jaarlijks verplicht. Voor installaties op gas is de reglementering per gewest ingedeeld: het onderhoud moet om de 2 jaar gebeuren in Vlaanderen en om de 3 jaar indien u in Brussel of in Wallonië woont.
  5. Radiatoren: Vergeet niet uw radiatoren te (laten) ontluchten.
  6. Schoorsteen: Laat uw schoorsteen vegen. Het onderhoud van de schoorsteen maakt deel uit van het nazicht van de verwarmingsinstallatie. Ook als u een open haard hebt, is het onderhoud van uw schoosteen nodig. Zo vermijdt u een schoorsteenbrand of een CO-vergiftiging.
  7. CO-vergiftiging: Controleer de toestand van uw rookdetectoren of CO-detectoren (koolstofmonoxide) en kijk na of de batterijen niet vervangen moeten worden.
  8. Verse lucht: Ventileer uw woning regelmatig, ook bij koud weer. Een woning waarin de lucht regelmatig ververst wordt, is beter voor de gezondheid. Het is ook gemakkelijker om een huis te verwarmen waarin de lucht zuiver en minder vochtig is. Tip: open elke dag een venster gedurende enkele minuten om verse lucht binnen te laten.
  9. Toegang tot de woning: Zorg dat u over een kleine voorraad zout beschikt om de toegang tot uw huis (en het voetpad) vrij te maken indien u verrast wordt door de eerste sneeuwval.

Bron: Europ Assistance